“Kijk daar, Cheyenna-June (neen, het kind heeft haar naam niet gekozen, gelukkig kan het haar geslacht later wel kiezen, dat heeft juf Deborah haar toch gezegd), een roodborstje”, fluisterde de opa het kleine meisje in het oor (nu ook weer niet te dicht, of hij vliegt den bak in vanwege te dicht bij kleine meisjes gestaan te hebben). Cheyenna-June keek verbaasd. “Roodborstje, opa?… dat is toch een oranje borstje”. Gelijk had ze. Opa stond perplex. Inderdaad. Het roodborstje is eigenlijk een oranjeborstje. Nu zijn er nog wel dwalingen in ons kleurrijke landschap, dat altijd in beweging blijkt te zijn. Herinnert U zich de “kleurlingen”? Leuke benaming voor Afrikaanse mensen die een voorvader hadden die hun Afrikaanse afkomst een beetje witter had gemaakt – zoals wanneer je melk in de koffie doet – dankzij lenige bedgymnastiek met een blanke deerne, of vanwege een bet(d)overgrootmoeder die het bed deelde met bijvoorbeeld Bobbejaan Schietraak of Dick Raak. Zoveel leuker dan “halfbloed”, toch? De naam “kleurling” verdween toen ze daar in Zuid-Afrika enkele decennia terug van de Apartheid Apartspijt maakten. Net zoals “halfbloed” en “mulat” elders. Dit laatste zou volgens sommigen afkomstig zijn van het Franse mule, muilezel. Papa ezel, mama paard. Beledigend. Voor die viervoeters, uiteraard. Nu moet men “metisse” zeggen.
Een andere term die de verdoemenis ingejaagd wordt, is bruin. Nochtans een veel voorkomende kleur in de natuur. Waag het niet een medemens (Lukakoe, Aster Mnjamnjamlekker of tante Yvonne na twee maanden Spaanse zon) “nen bruine” te noemen. Hel en verdoemenis is dan uw lot. Dat zijn “mensen van kleur”. Een gruwelijke vertaling van “people of colour”. Ben je een beetje minder blank dan de doorsnee blanke, dan mag je van jezelf zeggen dat je “van kleur” bent. Asjemenou. Eén betovergrootvader die uit de Congo kwam, en je hebt die eretitel. Eat this, bleekscheten! Moeilijk wordt het wanneer die kleur dan verbleekt. Michael Jackson en Beyoncé, ooit echt schone negers, hebben hun donkere huid op magistrale manier verwit. Michael liet zich zelfs een wipneus aanmeten waar Pipi Langkous jaloers op zou zijn. En ook weg met de krollekes! Zijn dat nu nog mensen “van kleur”? Moeilijk. “Zwart” kan je hen, en 98 % van alle andere “zwarten” bezwaarlijk noemen. Wel worden blanken ondertussen “witte” genoemd. Ook een lelijke vertaling uit het Engels. Als negers zich “zwart” mogen laten noemen, ok, het gaat over henzelf, ze doen maar en mogen het vragen. Maar laat de blanke dan ook het recht genoemd te worden zoals hij wil. Blank, en niet “wit”. Met uitzondering van de albino’s, uiteraard. Hoe zouden we overigens een Tutsi noemen die albino is? Moeilijk, moeilijk…
Overigens zijn de campagnes om van “zwart” een eretitel te maken niet van de poes. Black is beautiful, nietwaar? En uiteraard treedt de Kulturpolizei hardhandig op. Elke connotatie tussen “zwart” en iets fout moet er immers uit. “Zwartrijders” heten nu “asociale medemensen die het verzuimen een kaartje te kopen”. “Zwart geld”? “Onofficiële financiële middelen waar geen belasting op betaald werden en die voor de fiscus verborgen worden”. Duidelijk! “Zwartwerk” heet ondertussen “werk dat ontsnapt aan alle fiscale vereisten en waar geen sociale zekerheidsbijdragen op betaald werden”. Een zwartkijker? “Iemand die de toekomst donker inziet”. “Zwarte sneeuw zien”? Een “zwart schaap” zijn? Vul maar aan! Werk aan de winkel!
Ook de literatuur staat voor uitdagingen. De magistrale aanklacht tegen de gruwelijke slavernij in de V.S., “De negerhut van oom Tom” van Harriet B. Stowe heet nu half gesloopt “De hut van oom Tom”. Wat zou Tom ervan vinden? Fraai hoor, de essentie uit de titel halen. Overigens mag je “negro” nog gebruiken, in “negro spirituals”, en de doorsnee Amerikaanse rapper (per definitie muzikaal onbeschaafd, zwart, en bijna of helemaal in de gevangenis vanwege iets met vrouwen) braakt de “niggers” en de “niggas” uit aan een verschroeiend tempo. De Afro-Americans die dat doen mogen ons eigenlijk niets verwijten, dat is de pot die de ketel verwijt dat hij zwart ziet. Foei! Wordt “Paint it Black” van de Rolling Stones “Just Paint it”? En Jef Geeraerts zijn “Ik ben maar een neger” wordt “ik ben er maar een“. Trouwens, in sommige volkskroegen kun je op de jukebox nog het liedje “Hij was maar een neger’ gewoon uit tegendraadse balorigheid aanvragen. We gaan de Jef niet zwart maken, hij bedoelde het goed. Onder “zwarte dag” verstaat men ook iets negatiefs. Alweer foei! Als de beurzen in elkaar klappen, moeten we dat dan ook anders benoemen? “Witte en zwarte rook”, het spectaculaire communicatiemiddel bij een pausverkiezing. Schandalig! Wie heeft dat ooit bedacht? Kunnen ze dat niet eens omwisselen? En verder, zwartgallig, dat is een moeilijke. Misschien gewoon gallig? Laten we echter wel opletten. Voor we het weten staan we op de zwarte lijst, maken ze ons zwart vanwege wat we hier zwart op wit schrijven. Door mensen die gewoon een wit voetje willen halen.