Het weergaloze satirisch platform De Speld komt (zogenaamd) op bij de nakende verkiezingen in Nederland. Net als in de jaren 80 Kees van Kooten en Wim de Bie in hun sketches op de VPRO-televisie de ‘Tegenpartij’ lieten opkomen voor de ‘vrije jongens’ die het hadden gehad met de beknellende overheidsregels, richtte recent De Speld de ‘Partij tegen de Burger’ op. Toen ‘Koot en Bie’ als de lepe Haagse Jacobse en van Es-typetjes de draak staken met een komende verrechtsing, stelden ze verrast vast dat een deel van de kijkers hun kiesprogramma ernstig nam. Het was de tijd waarin de goedmoedige Hans Janmaat opkwam met zijn migratie hekelende Centrumpartij. Men keek in Den Haag en in de media neer op de brave man, beschimpte hem, bedreigde hem en catalogeerde hem als marginaal. Wat zouden ze nog opkijken toen Leefbaar Nederland, Pim Fortuyn en zeker Geert Wilders hoge electorale toppen zouden scheren. Sindsdien heeft links geen moreel monopolie meer.
Vandaag richt De Speld zich op de oeverloze debatten over waar de Nederlandse democratie heen moet. Dus gooien die satirici enkele opvallende standpunten in de groep: het eerlijker verdelen van de armoede, de natuur die op bepaalde plekken niets te zoeken heeft, gun de jeugd een even schadelijk initiatief als roken dankzij het vapen, voorzie iedere partij van haar eigen knokploeg en maak de rest van het land even onbetaalbaar als Amsterdam. Op de site worden reële politici uitgenodigd om visies uit te wisselen. De meesten onder hen eindigen in buldergelach, anderen raken geïrriteerd, sommigen weten niet wat zeggen en een enkeling slaagt erin met uitgestreken gezicht bijna even grappig te zijn als de Partij tegen de Burger.
Wie doet wel mee en wie niet?
Om aan de verkiezingen voor de Tweede kamer te mogen deelnemen moet je als partij een waarborg betalen en voldoende ondersteuningsverklaringen kunnen voorleggen. Wie slaagde daar voor oktober 2025 niet in? De Groenen, LEF – Voor de Nieuwe Generatie, Mijn Stem Telt!, Het Burgerinitiatief, ORDA en de Partij voor de Toekomst. Zij doen dus niet mee.
Wie wel opkomt, maar slechts in enkele kieskringen zijn de Piratenpartij en de Libertaire Partij (LP). Nieuw en ook deelnemend in bepaalde kieskringen zijn FNP, Vrij Verbond, DE UNIE, Belang Van Nederland (een afsplitsing), NL.PLAN, ELLECT en Partij voor de Rechtsstaat.
Naast deze 9 partijen zijn er 18 die in alle 20 kieskringen opkomen. Mocht u 27 partijen nogal veel vinden; in 2021 waagden zelfs 37 het erop. Van de 18 volwaardige spelers zijn er 3 die nog niet of niet meer in het parlement zetelen. Zo presenteren 50PLUS (na oneindige interne rellen) en BIJ1 zich aan de kiezer. De partij Vrede voor Dieren is een afscheuring van de Partij voor de Dieren (PvdD) na geruzie over, jawel, Gaza. Ook dieren blijken hierover verdeeld. Vrede voor Dieren stelt dierenrechten centraal; de rest doet al genoeg aan mensenrechten.
De 15 die kans maken op zetels
En dan de 15 partijen die vandaag al in de Tweede Kamer vertegenwoordigd zijn. DENK (simplistisch samengevat: extreem pro-multiculturele samenleving, door tegenstanders dus ook wel de vreemdelingenpartij genoemd), Partij voor de Dieren (die met een in de media uitgevochten voorzitterswissel worstelde), Volt (met pro-Europese Unie-kijk als belangrijkste visie op de maatschappij en met de goed scorende voorzitter Laurens Dassen) en het Forum voor Democratie. Het FvD is als een jojo-dieet al een paar maal van klein naar groot en weer terug getuimeld. Oprichter Thierry Baudet is een politieke systeemcriticus, communiceert scherp, werd door sommigen (ook in eigen rangen) beticht van complot-denken, schreef boeken, charmeerde en polariseerde. Zelf omschrijft Baudet zich als een ‘vrijdenker’ die soms wat teveel een ‘flapuit’ is. Daarom staat hij voor oktober op nummer 2 en is Lidewij de Vos lijsttrekker. In 2020 vertrokken Joost Eerdmans en Annabel Nanninga (J + A) en richtten het ‘realistisch rechtse’ JA21 op (zie verder).
Links en rechts christelijk
De 2 christelijke partijen zijn van oudsher de sociaal geëngageerde ChristenUnie (CU) met de gedreven voorzitter Mirjam Bikker, terwijl de Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) met haar conservatief-christelijke maatschappijvisie (hamerend op ethische dossiers, geen vrouwen op de lijst, migratie-kritisch) al sinds mensenheugenis goed is voor 2 à 3 zetels. Haar opgemerkte campagne voor meer bewustzijn in het abortusdebat bracht presentatrice Eva Jinek in haar dagelijkse praatprogramma op het randje van razernij. Toen de gentleman-voorzitter Chris Stoffer zich bedaard bleef afvragen waarom die ingrepen van 30.000 naar 40.000 per jaar waren geëvolueerd, werd Eva zo kwaad dat kijkers zelfs voor één keer werden afgeleid van haar décolleté. Waar de CU al deel uitmaakte van regeringen, is de SGP altijd een solide oppositiepartij gebleven. Haar legendarische leider Kees Van der Staaij was zelfs met zijn 25 jaar in de Kamer er de langstzittende. Vandaag is Geert Wilders er de nestor.
Rijzende ster JA21 en het ‘palingpopulisme’ van de BBB
JA21 is dus in 2020 afgesplitst van het Forum na onenigheid over de koers van Baudet en heeft met boegbeeld Joost Eerdmans 1 zetel in de Tweede Kamer. In zijn vrije tijd een populaire DJ levert hij als rechtuit rechts politicus geslaagde mediaoptredens. Hij staat wat radicaler van de liberale VVD en wat gematigder van Geert Wilders’ PVV. Gezond verstand primeert in dossiers over migratie, koopkracht, wonen en de woke/antiwoke-cultuurstrijd. In de peilingen steeg JA21 inmiddels van 1 naar 6 naar 13 zetels vandaag.
Bij JA21 is men pragmatisch rechts geïnspireerd, net zoals de BoerBurgerBeweging (BBB – in 2019 opgericht) van de volkse en spontane Caroline van der Plas en de rationeel ingestelde Mona Keijzer (ex-staatssecretaris van het christendemocratische CDA). Als Caroline bij Ivo Niehe zondagochtendontbijt serveert en over haar overleden echtgenoot praat of over de bagger op sociale media omtrent haar uiterlijk, kun je niet anders dan sympathie voelen. Toen de zich als gezellig voordoende maar in wezen elitaire voorman van GroenLinks Jesse Klaver in een debat naar de Volendamse afkomst van Mona Keijzer verwees en haar uitleg over een reële kloof tussen laag- en hoogopgeleiden wegzette als ‘palingpopulisme’, werd dat prompt een geuzennaam. Er werd zelfs een potige radio-hit mee gescoord. De sociaal-conservatieve BBB haalde vorige keer een knap resultaat, maar nu blijft het afwachten. De BBB-kritiek op versmachtende klimaatplannen vanuit Europa spreken heel wat Nederlanders aan. Naast van der Plas en Keijzer zijn bedrijfskundige Henk Vermeer en publicist Derek Jan Eppink (ooit VVD onder Frits Bolkestein, daarna Forum, dan JA21) bekende BBB-gezichten.
Peilingen en talkshows
Ah, de peilingen. Recent gingen er stemmen op om al die peilingen in de week voor de verkiezingen in de onderste schuif te dumpen. Waarom? Het zou een perfide invloed hebben op kiezers. Wie hoog staat krijgt het aureool van de winnaar waarop men graag stemt. Soms is het andersom en wil men de schijnbare verliezer een duw in de rug verschaffen. Wie in de middenmoot belandt heeft het meest te verliezen. Dat ziet men ook in entertainmentshows waarbij het publiek moet stemmen voor de beste zanger of danser. In de talloze Nederlandse talkshows had men het over talkshows waarin teveel werd gepraat over zowel de peilingen als over andermans talkshow met flitsende fragmenten uit shows die in andere programma’s opduiken. Dat doet denken aan managementvergaderingen waarin men zich afvraagt hoe men in de toekomt minder zou kunnen vergaderen..
Tweemaal links en eenmaal loser
Te beginnen met de absolute verliezer: Nieuw Sociaal Contract (NSC). De laatste nationale verkiezing in 2023 deed de partij vanuit het niets eindigen met zowaar 20 zetels. Daardoor kon NSC een prominente rol opeisen in het kabinet van minister-president Dick Schoofs, de topambtenaar die partijloos de boel bijeen moest houden. Kopstukken Wilders (PVV), van de Plas (BBB), Yesilgöz (VVD) en Omtzigt (NSC) gingen immers fractieleider in de Tweede Kamer blijven omdat ze elkaar (en vooral Wilders) het premierschap niet gunden. Pieter Omtzigt had zich als parlementslid voor het CDA doen opvallen door zijn onverdroten strijd voor de gedupeerden in de toeslagenaffaire. Het deed de regering Rutte struikelen. Omtzigt leek authentiek, de man die het land nodig had om rechtvaardig en realistisch te besturen. Bestuurskwaliteit gebaseerd op rechtsstatelijkheid werd de kern van Omtzigts programma. In allerijl werd het NSC in elkaar geflanst met Pieter als boegbeeld. Naar zijn beeld werd de partij geschapen. Helaas was de man een eeuwige twijfelaar, emotioneel labiel, soms ruziënd dan weer wenend de burn-out in. Na zijn vertrek stortte de partij in elkaar. De peilingen tonen een resultaat van 0 (nul!) zetels. Omtzigt zei de politiek vaarwel. Het NSC wordt gezien als de irritantste komma neukende dwarsligger tegen de asiel- en migratiemaatregelen.
De SP (Socialistische Partij) van de recent gehuwde leider Jimmy Dijk is een apart geval. Uitgesproken links-‘old school’: dit betekent het opnemen voor de werkende mens zonder al de modieus-ethische tierlantijntjes van bijvoorbeeld de partij GroenLinks met gendergedoe en gezonde groenten bovenop de quinoa. Al onder het voorzitterschap van de befaamde Jan Marijnissen leidde het tot hommeles met de communisten (CPN) omdat de SP de arbeiders in de volkswijken verdedigde tegen de vervreemding. Deze kapitaal-kritische partij voert robuuste en onderbouwde oppositie, echter zonder ooit met een regeringsdeelname.
D66 (Democraten ’66) van Hans van Mierlo (lang samen met schrijfster Connie Palmen) en de recent overleden jeugdauteur Jan Terlouw (‘De Koning van Katoren’) wilde in 1966 een land dat betere inspraak bood aan de burger. In de loop der jaren regeerde de partij zich meestal kapot om dan weer als een feniks te herrijzen. Links-liberaal onder de krengige Sigrid Kaag en nu voorzichtig naar rechts met Rob Jetten. Meer adem voor de bedrijven en wat minder drammerig over het klimaat, klinkt fraai, maar D66 blijft immer links dragen. Zij waren met hun hoofdkwartier in Den Haag dan ook recent het doelwit van ultrarechtse relschoppers.
De Grote Vier
De liberale VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie – opgericht in 1948) regeerde van 2010 tot 2024 met minister-president Mark Rutte, huidig NAVO-bons en Trump-fluisteraar. Na de smaak- en geurloze teflon-politicus die alles weglachte is sinds de laatste verkiezing in 2023 Dilan Yesilgöz kopstuk (Nederlands-Turkse, pittig, slim, speels en gehaaid), die besloot een regering te vormen met PVV, BBB, NSC en VVD. Het had gekund dat dit de radicaalste formatie zou zijn om Nederland uit de migratie- en stikstofmiserie te helpen, maar tot op vandaag blijven die 4 partijen elkaar beschuldigen van sabotage. De liberalen staan er slecht voor met amper 15 zetels in de recentste peiling (tegenover 24 in 2023). Verscheurdheid binnen de achterban over een samenwerking blijft een handicap. De VVD wil niet in een regering als Frans Timmermans (zie verder) er premier van zou worden.
Het Christen-Democratisch Appèl (CDA) ontstond in 1980 na een fusie tussen 3 partijen (de Katholieke Volkspartij KVP, de hervormde Christelijk-Historische Unie CHU, de gereformeerde Anti-Revolutionaire Partij ARP). Het CDA leverde bekwame premiers zoals de atypische maar hyperintelligente Dries Van Agt, de wollige maar het land sanerende Ruud Lubbers en de rustige man met het brilletje Jan Peter Balkenende. Het CDA slonk bij het proberen vatten van de tijdgeest en eindigde in 2023 met amper 5 zetels. Met Henri Bontenbal keert het tij. Zijn joviale duiding der dingen en zijn op stabiele waarden gebaseerde inzichten komen als zeer verfrissend over bij de vermoeide Nederlandse kiezer. ‘Als ik premier van Nederland word, zal politiek weer saai zijn’ is een veel gehoorde uitspraak van hem. Zijn fatsoenpleidooi slaat aan. Natuurlijk wordt ook hij wel eens in de val gelokt tijdens mediadebatten waarin men bijvoorbeeld zoals onlangs hamerde op artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. ‘Hoe ga je om met een anders geaard kind in een religieuze school’, wierp men hem deze week nog voor de voeten. Dat hebben we in Vlaanderen ook al gezien. Het zich prompt nederig herstellen heeft Bontenbal echter ook onder de knie. Hij kan wel slachtoffer worden van te hoge verwachtingen. Een redacteur van de Telegraaf vergeleek de door het CDA gemaakte gastvoorpagina van de krant met een krentenbol: inhoudelijke krenten met een smakelijke bol eromheen. Wenkt een eeuwige terugkeer van het midden?
GroenLinks/PvdA, dé fusie partij. De oeroude Partij van de Arbeid (opgericht in 1946) met premiers als Willem Drees en Joop den Uyl verzandde door de macht van de ‘bestuurders’ en begreep de werkende klasse niet langer. Zeker onder de paarse regering van syndicalist Wim Kok en met de zure Ad Melkert (die in een legendarisch tv-debat werd weggehoond door een winnende Pim Fortuyn) kraaide de Rode Haan minder luid. Huidig leider Frans Timmermans is als oud-Eurocommissaris de vleesgeworden vijand van Wilders. Hoe meer Timmermans vermagerde hoe voller hij leek te worden van zichzelf. Recent presenteert hij zich als een goede verstaander van het volk met schijnbaar besef van de migratieproblemen. De fusie met GroenLinks en haar betweterige stedelijke bobo’s verteert minder vlot. Alhoewel 90 % van de gezamenlijke leden het samengaan goedkeurde, blijft een groep ‘echte’ socialisten onder leiding van Ad Melkert en Rob Oudkerk zich verzetten. De Joodse Oudkerk blijft tevens bezorgd over de antisemitisch aanvoelende Free Palestine-sfeer bij GroenLinks. Niet vergeten dat GroenLinks zelf een fusie was van communisten, pacifisten en ecologisten. Toch wordt GroenLinks-PvdA (later volgt een definitief congres en een nieuwe naam) als tweede gepeild.
Blijft Geert Wilders’ PVV de grootste?
Vriend en vijand beoordelen Wilders als de beste debater in de Kamer. Hij blijft erin slagen een immense achterban aan zich te binden met snoeiharde analyses van de mislukkende migratiemaatschappij. Quasi op zijn eentje, met nauwelijks dure campagnes en al 21 jaar onder zware beveiliging realiseerde hij een monsterscore van 37 zetels op de 150 in 2023. Op een bepaald moment peilde men hem daarna op 45 zetels. Het gewone volk heeft hem omarmd als de enige die begrip toont voor de vele noden in Nederland. Links mag dan wel stellen dat het nog steeds een rijk land is, maar dat geldt enkel voor een bovenlaag met meer belangstelling voor de buitenwereld dan voor het binnenland. Wilders zette een paar te hete hangijzers uit zijn programma in de koelkast om mee in de regering te stappen. Met tegenzin aanvaardden aanvankelijk ook vele linkse commentatoren Wilders’ overwinning en gaven ze hem het voordeel van de twijfel. Dat men er uiteindelijk niet uit raakte om maatregelen hard te maken, deed Wilders uit de formatie stappen. Eigen schuld volgens tegenstanders die de PVV-ministers onbekwaam vonden. Een terechte zet volgens hondstrouwe medestanders.
De Partij voor de Vrijheid heeft geen leden en krijgt dus geen overheidsdotatie. Dat vermijdt hommeles voor enig lid Wilders. Helemaal niet democratisch of representatief, honen critici. Er zullen ontgoochelde kiezers afhaken. Zij kijken wellicht naar JA21 dat met de flamboyante Ingrid Coenradie een sterke PVV-overloper binnenrijft. De PVV kende electoraal toppen en dalen, maar een verankering rond de 30 zetels blijft realistisch. Dat anderen zullen aarzelen om te willen samenwerken met hem, ligt voor de hand, doch is niet evident. Rechtse partijen sluiten hem niet per se uit, maar halen met z’n allen wellicht geen Kamermeerderheid. Hoe dan ook blijft Wilders wegen op allemans agenda. In die zin wint hij als sterk merk sowieso.
Johan Steels