Opinie: De verleiding van het eenzijdige narratief

Opinie

door Kris Van Spitael

Columnist

**

Naar aanleiding van Alicja Gescinska’s (een filosofe, al meermaals uitgenodigd door de VRT) Facebook-post na de dood van Anas Jamal Mahmoud Al-Sharif.

“Journalisten worden opzettelijk gedood.
Dit zegt veel. Dit zegt alles.
De waarheid mag niet gedocumenteerd worden.
De waarheid mag niet gezien worden.
De waarheid wordt weggevaagd.
Maar wij weten het toch.
Genocide.”

(A. Gescinska)

De verleiding van het eenzijdige narratief

De geschiedenis heeft al herhaaldelijk aangetoond dat intellectuelen, opiniemakers en zelfs gerenommeerde nieuwsorganisaties niet immuun zijn voor de subtiele en soms meesterlijk georkestreerde propaganda van strijdende partijen. Wanneer een conflict woedt, wordt de strijd niet alleen uitgevochten op het slagveld, maar evenzeer in de arena van de publieke opinie.

Een opvallend mechanisme in deze strijd om de geest is het fenomeen waarbij terreurbewegingen hun eigen militanten inzetten als zogenaamd onafhankelijke verslaggevers. Onder de dekmantel van objectieve journalistiek, compleet voorzien van camera’s en pershesjes brengen zij zogenaamd neutrale rapportages. Het “bewijs” dat zij leveren over “feiten”, is in werkelijkheid zorgvuldig geselecteerd en bewerkt om een vooraf bepaald narratief te ondersteunen. Internationale persbureaus, op zoek naar snel beeldmateriaal of exclusieve bronnen, hebben in het verleden soms deze informatie zonder voldoende verificatie overgenomen met verstrekkende gevolgen voor het publieke debat (thans: de quasi-verplichte genocide-beschuldiging/kreet!) en het beleid van staten, in casu de mogelijke erkenning van de Palestijnse staat.

In de Spaanse Burgeroorlog (1936–1939) zagen we hoe beide kampen gebruikmaakten van ’embedded’ verslaggevers die, bewust of onbewust, gekleurd berichtten. De Republikeinen en de Nationalisten begrepen dat beïnvloeding van buitenlandse intellectuelen een machtig instrument kon vormen om internationale steun te mobiliseren.

In modernere conflicten, zoals de oorlog in Syrië, is herhaaldelijk gebleken dat gewapende groepen eigen mediavleugels oprichtten, compleet met persvoorlichters en ‘freelance journalisten’ die in werkelijkheid onderdeel waren van de strijdkrachten. Beelden van verwoestingen of slachtoffers werden soms geënsceneerd of uit hun context gehaald om de tegenstander maximaal in diskrediet te brengen. Westerse nieuwsorganisaties, onder tijdsdruk en vaak zonder directe toegang tot de frontlinie, namen dergelijk materiaal over, met als gevolg dat zelfs hoogopgeleide opiniemakers in krantenkolommen of televisiedebatten stelling namen op basis van misleidende premissen.

Dat intellectuelen en opiniemakers vatbaar zijn voor dergelijke propaganda is geen bewijs van naïviteit in morele zin, maar wel van een structurele kwetsbaarheid: de drang om het onrecht aan te klagen kan de noodzaak tot bronkritiek ondermijnen. In een emotioneel geladen conflict is het verleidelijk zich te laten meeslepen door beelden die het lijden tonen en daarbij te veronderstellen dat de bron integer is, zeker wanneer de boodschap past binnen een moreel raamwerk dat men reeds langer hanteerde.

Het is daarom van wezenlijk belang dat niet alleen journalisten, maar ook academici en opiniemakers beseffen dat in conflictsituaties geen enkele partij vanzelfsprekend een betrouwbare bron van objectieve informatie is. Terreurbewegingen hebben er bovendien een strategisch belang bij om hun boodschap via gezaghebbende kanalen de wereld in te sturen, liefst door de pen en de stem van gerespecteerde intellectuelen. Zodra dat lukt, is de propaganda niet langer herkenbaar als propaganda, maar wordt zij onderdeel van het beoogde eenzijdige en gewenste narratief.

De les uit het verleden is dan ook helder: ook de meest integere en doorwrochte analyse begint met wantrouwen jegens iedere ‘onafhankelijke’ bron die banden heeft met één van de strijdende partijen, en dit geldt in het bijzonder voor groepen die geweld tegen burgers legitimeren als politiek middel.

Kris Van Spitael

**

Heb jij ook een opinie?

Ben jij ook een stem in het debat?

Stuur je vrije tribune naar [email protected]