Hoe het begon: Oui mon général! (11)

U leest vandaag deel 11 van onze novelle: “Hoe het begon”

Van de hand van K. Bardoesjka

Elk weekend komt er een deeltje bij.

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (1) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (2) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (3) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (4) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (5) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (6) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (7) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (8) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (9) – Klik HIER

Hoe het begon: Oude bekenden en verrassende pakjes (10) – Klik HIER

Volgende zaterdag deel 12

**

De ochtend erop ging de standaard routine in. Koffie, dan ontbijt, vervolgens de keuken wat op orde zetten en kort daarna de laptop open. En ja, wat hadden we anders verwacht: een antwoord van ‘tScheldt. Die gasten werken ‘s nachts te zien aan het uur waarop ze onze mail beantwoord hebben. Blijkbaar heeft ons voorstel wat gesprekken getriggerd bij hen, want tussen de lijnen kon je lezen dat ze dan met een andere delegatie zouden komen. Dus toch akkoord. Mooi zo. Vanmiddag bespreken met Salena, het was immers de dag dat we met de ontvanger naar de professor zouden rijden. Afspraak was rond 15:00 uur, op tijd vertrekken dus.

De zender in een versleten kartonnen doos van Coolblue ingepakt, geen zin om vragen te beantwoorden als we de wagen in- en uitladen. En als die geweldige prof ook de handboeken wilde zien, zal dat digitaal moeten, die dingen geven we niet uit handen. Het werd een typische rit-over-Vlaamse-wegen, het nam ons al twintig minuten om van bij ons op de ring rond Antwerpen te komen. Het deed me denken aan dat goeie nummer “De Kennedy Tunnél” van De Strangers. Ik vroeg me af wie nog weet dat ze daar twéé versies van gemaakt hebben. Het oude filmpje dat bij de eerste versie hoort is hilarisch! De wagen van de rijkswacht speelde daarin de perfecte figurantenrol. En dat allemaal op de pechstrook net vóór de tunnel.

Toch wat goed nieuws, eens de Kennedy-tunnel door, ging alles vlot. De heraanleg van de wisselaars op Linkeroever net na de tunnel is doordacht gebeurd. Richting De Kust dus. De wegbeschrijving van de prof was beter dan de instructies van Waze. Parking gevonden, man, wat zijn de tarieven daar hoog… Anyway, op het afgesproken uur drukten we op de bel en liet de prof ons binnen. Het was onze eerste “IRL” ervaring (In Real Life of ook: in’t echt). Hij was nog sympathieker dan op Twitter. En Salena was in goeie doen. Ze was eens op zijn Twitte-profiel gaan kijken en had gevonden dat hij een speciale voorkeur had voor zelfgemaakte scherp smakende gerechten. Ze had voor hem een potje van haar zelfgekweekte en ingemaakte pepertjes meegebracht. Dat bleek een uitstekende ijsbreker te zijn. Het eerste half uur ging het uitsluitend over hoe je gerechten lekker en scherp kan maken zonder dat je er instant van doodvalt. Wel grappig, die twee zo bezig te horen over Spaanse en Zuid Amerikaanse pepertjes en hoe die nog scherper te doen smaken dan ze gewoonlijk al zijn. Ik vreesde dat ik de dagen erna wel eens als proefkonijn zou kunnen gaan dienen met verbrande smaakpapillen tot gevolg…

Na dat half uur kon ik de aandacht afleiden, waarop de prof twee heerlijke koffies klaarmaakte. Eens die op tafel stonden, ging een hoop gepraat van start over wie we waren, hoe we “uit den vreemde” in Antwerpen verzeild geraakt zijn en wat we deden om de kost te verdienen. Pas daarna kwamen we bij het onderwerp van de dag. Het was tijd om het apparaat uit te pakken. We plaatsten het op de prof zijn werktafel en zagen zijn ogen groter worden. Al snel hadden we het ding voor hem opengevezen en we toonden hem de binnenkant met de verborgen schakelaar. Ik had de indruk dat hij nog nooit zoiets gezien had. Dat vroeg natuurlijk om uitleg. Nu het toestel daar open en bloot lag en hij even de tijd had genomen om de binnenkant te observeren, drong hij aan om het verhaal horen. We legden hem uit dat we niet konden zeggen waar we het vandaan gehaald hadden. Wij van onze kant hadden graag een antwoord op de vraag of het ding met moderne middelen kon gekopieerd worden.

De prof was een behoorlijke slimmerik, dus hij vroeg of het ding nog werkte. Ik voelde zijn vraag aankomen, we waren voorbereid, en ik bevestigde met de vraag of hij het in werking wilde  zien. “Wat dacht je nu?” volgde in zijn geweldige sappige dialect. “Dan hebben we wel van jou even spanning nodig,” lachten we. Toen ik de antenne bovenhaalde keek de prof wat vreemd op en vroeg: “Waar heb je dat stuk antiek vandaan?” Ik legde hem uit dat het een bijgestelde gerecupereerde antenne was uit een oude radio van mijn grootvader. “Oh, interessant gevonden, dat was een goeie insteek,” hoorde ik hem zeggen. Het klonk als een groot compliment uit de mond van iemand die ik technisch zoveel beter inschatte dan mezelf. “Voor dat je dat aan die ontvanger koppelt, geef het eens hier.” Ik gaf de antenne door, hij legde het ding op zijn werktafel en haalde een toestelletje uit een van de vele lades. Nadat de twee aan elkaar gekoppeld waren, zei hij: “Mmmm, 1313kHz, jij weet wat van antennes, juist?” Ik bloosde en keek hem met een glimlach aan. “Overschat me niet, Chris, mijn kennis op dat vlak is oud en niet meer gebruikt sinds ik afstudeerde.” Hij keek me aan met een scheve blik en antwoorde in zijn sappigste dialect: “Ik geloof je maar half, kerel, dit oude ding bijwerken tot de curve juist op de top ligt van 1313kHz is enkel voor de betere amateurs weggelegd.” Ik zweeg zedig en keek naar Salena die me een blik van bewondering gaf.

Goed dan, de klep van het apparaat er terug op, antenne en spanning erop, we konden beginnen aan een demonstratie. Salena had het papiertje met de settings bij om te gaan luisteren naar het HQ van De Standaard. Ingesteld, aangezet en je hoorde geroezemoes. “Ow, zei de prof, mooi, er is wel degelijk ontvangst. Waar zijn we nu?” Salena en ik keken elkaar aan, we twijfelden. “Is het wel veilig voor jou dat we je dat zeggen, beste Chris?” Hij keek ons doordringend aan en vroeg: “Hoe weten jullie van die frequentie 1313kHz, is dit illegaal?” “Wel Chris, dat weten we niet. Volgens mij is het gewoon luisteren naar radiogolven die in de ether hangen niet illegaal. Dat die zendertjes ergens staan is volgens ons wél zo illegaal als de pest, maar dat heeft niets met ons te maken, wij luisteren gewoon.” Hij keek denkend en zweeg.

De stilte bleef even hangen. “Ik begrijp wat jullie zeggen. Ik ga ervan uit dat jullie al wel meer gehoord hebben dan geroezemoes, juist? En dat wat jullie gehoord hebben kan wel eens explosief materiaal zijn, klopt dat?” We knikten beiden zwijgend. “Verdomme, jullie maken me echt nieuwsgierig nu.” Hij ging zitten, wreef even over zijn pijnlijke been en staarde even voor zich uit. “Goed zei hij. Ik voel aan dat jullie integere mensen zijn zonder kwade bedoelingen. Ik heb mijn Baby Nancy AI gevraagd om jullie eens op te zoeken op het internet en daar kwam niets uit dat me tegen de borst stootte. Ik aanvaard de uitdaging, ik denk wel dat het zal lukken. Jullie betalen wel de componenten hé?” Salena en ik keken elkaar aan met een blik van verbazing. “Hoezo, Chris, wil je dan de uren die je eraan werkt niet vergoed hebben?” De prof draaide zich om met een glimlach. “Ik heb zo’n idee dat ik hiervan ook een kopie voor mezelf maak als dat voor jullie ok is.” Die insteek hadden we niet verwacht. “Ik heb die ontvanger van jullie dan wel een tijdje nodig, kunnen jullie die hier achterlaten?” Het startte een gesprek op over het hoe en wat dat in de praktijk om te zetten. De Prof ging er mee akkoord dat we een week nadien zouden langskomen om de vooruitgang te bespreken en dat hij ons op de hoogte zou houden via het Proton emailadres. Geen chats, geen video calls, daar zit niks privacy meer aan. Hij had zelf enkele adressen op dat platform, hij wist van wanten. Na veel dankjewels over en weer gingen wij Brugge in. Even een andere sfeer opsnuiven en een adresje vinden om lekker te eten.

Viel dat even tegen. Niet het eten, dat was dik OK. Maar de binnenstad in gaan. Het lijkt wel een onbewoond middeleeuws museum-stadje, uitsluitend gecreëerd voor toeristen. De éne souvenirwinkel naast de andere chocolaterie. Waar waren de gewone kruideniers, bakkers en slagers gebleven? Ja, het was een prachtige binnenstad, maar neen, ik vond dat het geen “leef”-stad meer was. Een open museum blijkbaar op spitsuur. Anders verwoord: onder het decennialang beleid van de CD&V is Brugge een Instagram-valkuil geworden zonder ziel. Betalende toeristen erin, locals eruit. Wég sociale netwerk en cohesie. Maar terzake, Chris had ons een klein restaurantje aanbevolen, weg van de platgelopen toeristenpaden en we waren hem daar dankbaar voor. Het koppel eigenaars hoorde naar eigen zeggen sedert erg lang nog eens een gekleurd Antwerps accent. En omdat we erg vroeg waren, hadden ze ook de tijd voor een praatje. Heerlijk. De terugreis huiswaarts zat vol goeie ervaringen die we deelden, dat zijn van die momenten dat je wou dat je in een selfdriving Tesla zat met de laatste software-update van de FSD.

‘s Avonds thuis gekomen, ploften we voldaan in onze vintage zetels. Even geen ontvanger die constant geluiden maakte. De dag napraten was wat we dan meestal dede,. Perspectieven en gedachten uitwisselen en soms bewust uitdagen creëerde een betere band met elkaar dan hersenloos naar soaps te kijken. De dag was goed.

Het weekend erop nog even over en weer gemaild met de prof, die liet weten dat het enkele dagen langer zou duren, hij wachtte op de levering van wat stukken elektronica. We begrepen dat hij de ontvanger uit elkaar had gehaald en stap voor stap had geanalyseerd, zodat hij de circuits kon in schema zetten. We konden ons voorstellen dat hij zich daarmee zou amuseren, zo’n apparaat krijg je niet elke week over je drempel gebracht.

De afwezigheid van de ontvanger gaf ons de ruimte in onze vrije tijd wat in huis te klussen. We profiteerden van de mogelijkheid dat boodschappen nu ook aan huis konden geleverd worden, dat scheelde wat tijd en verkeerproblemen. Tja, Antwerpen…

In mijn werkplaats/mancave maakte ik ruimte om een opstelling te maken die de opnames kon omzetten in getypte tekst. Een oude reserve laptop werd erbij gehaald en schoongemaakt, de setup met verbindingen werd getest en we konden beginnen met proefdraaien. Eerst zorgen dat we een digitaal audiobestand hebben. We spraken af dat het stukje online uitsluitend zou gebeuren via VPN, zeker gezien het ‘onder de radar’ blijven concept. Vladke had er niet voor niets op aangedrongen. Ik haalde er even de spreadsheet bij waar we de tellerstanden genoteerd hadden en koos voor de eerste. Het gesprek dat plaatshad rond die generaal majoor terwijl ik nog lag te ronken.

Band teruggespoeld, Audacity opname gestart en de playknop ingedrukt. De focus lag op het herkenbaar opnemen van de stemmen, zoeken dus naar de juiste filters en het beste volume van opname in de software. We wisten dat dat nooit perfect zou kunnen zijn, gezien het geen stage setup was waar de zangers wisten dat ze goed in de mike moesten zingen. Proberen doet leren. Eerst een stukje zoeken waar minstens 20 seconden duidelijk op gepraat werd, dat zou ons de tijd geven om met de settings te spelen en een niet te groot bestand te creëren.

Waar we geen rekening mee gehouden hadden, was dat de inhoud van het stukje gesprek op de band ons zou afleiden van het optimaliseren van de settings. Een impressie:

Stem 1: “Ik heb het interne ADIV rapport gelezen. ChatControl. Zelfs een mannelijke soldaat-milicien zou zien dat dit in een democratie stinkt als een slecht geventileerde bunker.”

Stem 2: “Inderdaad, generaal. Bij ADIV hebben we dat vanop afstand geroken en advies aan de juristen gevraagd. Die hebben het woord “grondrechten” zo vaak gebruikt dat de printer er bijna van in protest begon te roken. En toch… in de code 56 memo van de kabinetschef van ons Theoke, excuseer, minister Francken, staat dat we “een enthousiasmerend advies” moeten formuleren. Enthousiasmerend! Alsof we een folder voor de nieuwe rekrutering aan het schrijven zijn.

Stem 3, een vrouwenstem: “Ik zat net weer met het kabinet samen. Ze wilden weten of we kansen zien. Ik heb gezegd dat ik vooral risico’s zie. Privacy, misbruik, precedenten—je zou denken dat dat telt voor de politiek. Maar nee, ze zoeken gewoon iemand in uniform die het beleid een beetje kan laten blinken.”

Stem 1, een vrouwenstem: “Lieutenant-colonel Martin, vous savez comment ça marche. La politique décide, nous sommes les exécutants..”

Stem 3: “Oui mon général.”

Stem 2, een vrouwenstem: “En als ze écht willen dat we een positief advies schrijven, dan moeten ze misschien eerst uitleggen hoe we ChatControl kunnen verdedigen zonder simultaan artikel 8 van het EVRM te schenden en onze eigen geloofwaardigheid te begraven. Misschien moeten we ze vragen of ze een handleiding hebben liggen: “Hoe verkoop ik een mijnenveld als een wandelpad.” Wat mij betreft blijft dat ChatControl een risico-operatie met de democratie als collateral damage.”

Stem 3: “Bon, ik heb zoiets voorzichtig gesuggereerd op de vergadering met het kabinet deze ochtend. Ze keken me aan als een twaalfjarige die ik zou vragen om een wiskundig bewijs te leveren over integralen. Afwezig dus.”

Stem 1: “Alors. Schrijf een advies dat niet te diplomatisch is en behoorlijk kritisch. Iets zoals een salvo waarschuwingsschoten. Het leger gehoorzaamt de civiele macht. Maar als ze te dicht bij de grondwet komen, gaan ze met ons rekening moeten houden. Politiekers zijn tijdelijk, het leger zal er altijd zijn. Et dépêchez-vous!”

Stem 3: “À vos ordres, général.”

We waren héél stil geworden en hapten naar adem. Die drie vrouwenstemmen galmden behoorlijk na. Godverdomme, maar goed dat Vladke herhaald had van onder de radar te blijven. Als ze daar bij het leger zouden weten dat we meegeluisterd hebben, was ons vel niets meer waard. We zaten er wat beduusd bij. Het duurde even voor mijn logisch brein weer voorrang kreeg op mijn emoties. En toch was er een soort van positief gevoel. Wat we gehoord hadden suggereerde dat het leger zich eerder aan de kant van de grondwet zou scharen, dan aan de kant van de politiek. En die eerste stem klonk echt als een bitch waarmee je niet solt. Ik vroeg me af of die politiekers wisten waar ze mee bezig waren. Iets om over na te denken.

Het draaien van de spoelen van de Revox deed me terugkeren naar wat we aan het doen waren. Stop-knop ingeduwd op zowel de Revox als op de laptop, terug naar start en beluisteren. Ditmaal om de kwaliteit te beoordelen en niet om de inhoud. Het nam drie pogingen met andere settings om de optimale opname te verkrijgen. Niet dat de achtergrondgeluiden dan helemaal weg waren, maar voor ons was het duidelijk genoeg. In elk geval genoeg om er een stap verder mee te zetten.

“Schat, ben je zeker dat je een online software wil testen met dit fragment?” Salena triggerde me met de juiste vraag. “Dankjewel, lieve schat van me. Groot gelijk. We gaan een ander fragment zoeken om er online mee op zoek te gaan naar de beste conversiesoftware.” Eerst de naam van de file van dit fragment bijgeschreven in de spreadsheet, kwestie van later de bomen door het bos nog te kunnen zien. Tien minuten later hadden we twee betere fragmenten gevonden met minder explosieve teksten. We verkozen dezelfde bron te gebruiken, de mengelmoes van accenten op het HQ van De Standaard leek ons niet echt geschikt voor een test. Blijkbaar was bij de top van het leger de regel Algemeen Nederlands te gebruiken in plaats van de rijkere dialecten, buiten het obligate Frans natuurlijk.

We pleegden even overleg over waar we de VPN-server zouden kiezen om de test mee te doen. Malta leek wel een goeie kandidaat en wij aan de slag. Een half uurtje later hadden we de resultaten van de eerste test binnen en we waren tevreden. De software was echter maar instelbaar op één taal tegelijk, het niveau van een klassiek geschoolde Vlaamse babyboomer die vlotjes drie talen door elkaar spreekt haalde het nog niet. We kozen voor de volgende test het fragment van die Gentse hoofdredacteur en daar bleek dat programma toch wel meer moeite mee te hebben. Misschien even de opties “private language library” er op nalezen om te zien of het ding ook kon getraind worden.

Het werd al later, we besloten er voor die dag de blok op te leggen en te zien wat de nacht zou brengen qua inzichten en nieuwe ideeën.

Wordt vervolgd…

K. Bardoesjka