Palantir: De Onzichtbare Architect van de Digitale Toezichtstaat

Chat control. CBDC (Central Bank Digital Currency). Digital ID.

Het zijn termen waar de paar procent wakkere mensen onder ons, hun naam alle eer aandoend, wakker van liggen. Dat is de groep mensen die beseft hoe groot de gevaren zijn, en die ze dan ook via allerlei middelen willen bestrijden. Een belangrijk instrument is daarom de overgrote meerderheid van de mensen alert te maken op wat er zit aan te komen. Dat is die overgrote meerderheid van mensen die nog altijd denken: “Als ik niks verkeerd doe, is er niks aan de hand.” Tot die mensen geen nieuw COVIDvaccin meer willen nemen, en hun toegang geweigerd worden in de McDonalds. Tot ze de post op sociale media weigeren te verwijderen, en hun bankrekeningen geblokkeerd worden. Tot ze een sappige steak willen kopen, en de kassa rood aangeeft omdat hun quota voor de maand al opgebruikt is. Maar dan is het natuurlijk al veel te laat. In het kader van opvoeding en gewaarwording proberen we hier een schets te geven van 1 van de sleutelspelers in dit web: Palantir Technologies.

In een tijdperk waarin data de nieuwe olie is, rijst Palantir Technologies op als een van de meest enigmatische giganten van Silicon Valley. Opgericht in de nasleep van 9/11, heeft het bedrijf zich ontwikkeld tot een onmisbare partner voor overheden wereldwijd, met software die grenzen vervaagt tussen inlichtingenwerk en alledaagse besluitvorming. Maar achter de belofte van efficiëntie en veiligheid schuilt een schaduw: een web van contracten die privacy ondermijnt en surveillance normaliseert. Dit artikel schetst de opkomst van Palantir, de kern van zijn technologie en de stormachtige relaties met de staat – een verhaal dat waarschuwt voor de prijs van onzichtbare macht.

De wortels van Palantir liggen in de chaotische jaren na de aanslagen van 2001. In mei 2003 richtten Peter Thiel – de PayPal-miljardair en vroege investeerder in Facebook – samen met Alex KarpJoe Lonsdale, Stephen Cohen en Nathan Gettings het bedrijf op in Palo Alto, Californië. De naam, ontleend aan de ‘ziendelstenen’ uit J.R.R. Tolkiens In de Ban van de Ring, was geen toeval: het symboliseert een tool die door muren van informatie heen kan kijken. Thiel, gefrustreerd door de fraudebestrijding bij PayPal, zag potentieel in geavanceerde data-analyse om terrorisme te voorspellen. De eerste investering kwam van In-Q-Tel, het durfkapitaalfonds van de CIA, met twee miljoen dollar – een bedrag dat snel groeide tot dertig miljoen van Thiel zelf. Dit markeerde het begin van een symbiose tussen Silicon Valley en de inlichtingengemeenschap.

Advertentie

De vroege jaren waren discreet en gefocust op overheidsopdrachten. In 2004 sloot Palantir zijn eerste grote deal met de CIA, gevolgd door contracten met de NSA en FBI. Het bedrijf verhuisde in 2020 naar Denver, Colorado, om dichter bij federale klanten te staan, en ging hetzelfde jaar naar de beurs – een IPO die twee miljard dollar opleverde, ondanks een waardering van meer dan twintig miljard. Onder Karp, de excentrieke CEO met een filosofische achtergrond, groeide Palantir uit tot een multinational met duizenden werknemers. Tegen 2025, met een marktkapitalisatie die de veertig miljard dollar overschreed, had het bedrijf zijn commerciële vleugels uitgeslagen, maar de overheidsafdeling bleef de ruggengraat: in het tweede kwartaal van 2025 groeide de sector met 52 procent. Van een startup in de schaduw van de War on Terror tot een beurslieveling: Palantirs traject weerspiegelt de evolutie van big data naar een instrument van staatsmacht.

In het hart van Palantirs imperium liggen twee vlaggenschip platformen: Gotham en Foundry, aangevuld met het nieuwere Artificial Intelligence Platform (AIP). Gotham, ontwikkeld voor defensie en inlichtingen, is een meesterwerk van data-integratie. Het zuigt informatie op uit disparate bronnen – van satellietbeelden en financiële transacties tot sociale media en sensoren – en weeft ze samen tot een coherent netwerk van verbanden. Analisten kunnen patronen detecteren, zoals terroristische cellen of fraude-netwerken, met behulp van grafische visualisaties en voorspellende algoritmes. Het is, in essentie, een digitaal zenuwstelsel voor complexe operaties: tijdens de jacht op Osama bin Laden zou Gotham cruciaal zijn geweest, al blijft dat speculatief. Fans van Tom Cruise denken hier spontaan aan Minority Report, waar daders al opgepakt worden voor ze een misdaad plegen.

De belofte is verleidelijk: efficiëntie zonder chaos.

Foundry, daarentegen, richt zich op de private sector en biedt een schaalbaar framework voor operationele besluitvorming. Bedrijven als Southern California Edison gebruiken het voor wildfire-preventie: het integreert meteorologische data met grid-sensoren om uitbraken te voorspellen en nood respons te coördineren. AIP, gelanceerd in 2023 en geüpdatet in 2025, voegt een AI-laag toe: het genereert real-time aanbevelingen, zoals optimalisatie van logistiek of risicoberekening in financiën. Palantirs software blinkt uit in ‘ontology-building’ – het creëren van een semantisch model dat data niet alleen opslaat, maar begrijpt en contextualiseert. Dit maakt het uniek: waar concurrenten als Snowflake of Databricks focussen op opslag, bouwt Palantir bruggen naar actie. In 2025 omvat het ecosysteem ook edge-computing voor veldoperaties, zoals drones in conflictzones. De belofte is verleidelijk: efficiëntie zonder chaos. Maar de realiteit is dubbelzinnig.

Palantirs banden met overheden zijn intens en lucratief. Sinds de oprichting is het bedrijf een vaste leverancier voor het Pentagon, met contracten die oplopen tot miljarden. In juli 2025 kende het Amerikaanse leger een ‘Enterprise Agreement’ toe ter waarde van tien miljard dollar over meerdere jaren, waarmee 75 bestaande deals werden gebundeld voor software die militaire paraatheid versterkt. Dit omvat alles van logistiek tot inlichtingenanalyse. ICE, de immigratiedienst, vertrouwt op Palantir voor real-time tracking van migranten: een dertig miljoen dollar-contract in 2025 breidde dit uit naar deportatie-operaties. Buiten de VS: het Britse NHS gebruikt Foundry voor gezondheidsdata, terwijl Israëlische eenheden Gotham inzetten in Gaza-operaties.

De Nederlandse connectie met Palantir illustreert hoe diep deze tentakels reiken in Europese bureaucratieën, met een sleutelrol voor Dick Schoof, de huidige demissionair premier. Al in 2011, als directeur-generaal van de politie, ondertekende Schoof het eerste vertrouwelijkheids- en veiligheidsakkoord met Palantir, waarmee de Nederlandse politie toegang kreeg tot de software. Dit markeerde de start van een geheim project genaamd ‘Proeftuin’, dat liep tot 2013 en gericht was op het koppelen van databestanden voor datagedreven besluitvorming met AI-algoritmen. Later werd dit uitgebreid in het ‘Raffinaderij’-platform, een samenwerkingsverband tussen politie, Openbaar Ministerie en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV), waar Schoof later hoofd van was. In augustus 2025 bevestigde minister van Justitie David van Weel het gebruik van Palantir sinds 2011, benadrukkend dat het essentieel is voor de bestrijding van zware criminaliteit en terrorisme. De aanschaf verliep echter in het diepste geheim, zonder openbare aanbesteding, en 99 procent van de vrijgegeven documenten via de Wet open overheid is zwartgemaakt. Onder Schoofs leiding bij de NCTV, van 2014 tot 2017, werd Palantir ingezet voor surveillance-operaties, waaronder het monitoren van moskeeën en online activiteiten van moslims – een praktijk die door burgerrechtenorganisatie Bits of Freedom als illegaal werd bestempeld. Deze banden onderstrepen hoe Palantir niet alleen Amerikaanse, maar ook Europese veiligheidsdiensten doordringt, vaak via invloedrijke figuren als Schoof, die van veiligheidsbureaucraat opklom tot premier in 2024.

In België toont de groeiende interesse van de overheid, met name onder Defensieminister Theo Francken, een vergelijkbaar patroon van toenadering tot Palantirs technologieën. Francken, die sinds februari 2025 minister van Defensie is in de regering De Wever en een uitgesproken hardliner op migratie en veiligheid, heeft zijn ambitie uitgesproken om een ‘ecosysteem’ rond de defensie-industrie op te bouwen, met een focus op versnelde militaire productie en data-gedreven operaties. Hoewel concrete contracten nog niet publiek zijn gemaakt, wijzen recente ontwikkelingen op een sterke interesse in Palantirs AI- en data-analyse-tools voor nationale veiligheid. In juni 2025 kondigde de Belgische regering een strategisch defensieplan aan ter waarde van 34 miljard euro tot 2034, inclusief investeringen in geavanceerde systemen zoals drones, luchtverdediging en inlichtingenplatforms – domeinen waarin Palantirs Gotham en AIP cruciaal kunnen zijn voor real-time besluitvorming op het slagveld. Francken, die eerder als staatssecretaris voor Asiel en Migratie een strengere migratiepolitiek vormgaf, ziet in big data een middel om dreigingen te voorspellen, vergelijkbaar met predictive policing. Critici, waaronder burgerrechtenorganisaties, waarschuwen dat deze interesse, gedreven door de geopolitieke spanningen in Europa, kan leiden tot een uitbreiding van surveillance zonder voldoende parlementaire controle, vooral gezien Francken’s reputatie als voorstander van strenge immigratiecontroles. Deze Belgische toenadering past in een breder Europees patroon, waar Palantir zich nestelt in defensie- en inlichtingenstructuren, vaak onder de radar van publiek debat.

Onder de Trump-administratie in 2025 escaleerde dit: een New York Times-onthulling wees op plannen voor een ‘master database’ van Amerikaanse burgers, met Palantir als spil. Het bedrijf ontkende dit fel, maar de feiten spreken voor zich: uitgaven van de federale overheid aan Palantir stegen van 88 miljoen in 2022 naar honderden miljoenen in 2025. Deze interacties zijn geen toeval; ze weerspiegelen een doctrine van ‘data supremacy’, waarin overheden Palantir zien als een strategisch wapen. Karp zelf preekt van ‘software-defined statecraft’: technologie die bureaucratie verslaat en crises voorkomt. Critici zien echter een Trojaans paard voor controle.

De controverse draait om privacy – een woord dat in Palantirs lexicon vaak ontbreekt. Gotham’s vermogen om persoonlijke data te fuseren – van bankrekeningen tot locatiegeschiedenis – leent zich tot massasurveillance. Bij ICE leidde het tot razzia’s op werkplekken van ongedocumenteerde migranten, inclusief de detentie van familieleden van minderjarigen, wat door Amnesty International als schending van ‘due process’ werd veroordeeld. In ‘predictive policing’, ingezet door afdelingen als de LAPD, voorspelt de software ‘hotspots’ voor misdaad, maar met een bias die minderheden onevenredig treft – een echo van stop-and-frisk, maar geautomatiseerd. In Nederland voedt het gebruik onder Schoofs impuls dezelfde zorgen: patroonherkenning die data van burgers analyseert om verdachten aan te wijzen, zonder transparantie over vooroordelen of wettelijke basis tot recent. Onder zijn NCTV-leiding werd illegale online surveillance van moslims gedocumenteerd, wat de kloof tussen veiligheid en burgerrechten blootlegt. In België dreigt Francken’s defensie-agenda een gelijkaardige dynamiek te creëren, met risico’s op profiling in migratie- en terrorismebestrijding.

Transparantie is een ander pijnpunt. Palantir opereert in het geheim: contracten zijn vaak geclassificeerd, en audits ontbreken. In 2025 laaide de discussie op rond het Trump-plannetje, dat data van burgers zou centraliseren voor ‘nationale veiligheid’. Rechtenorganisaties als de ACLU waarschuwen voor een ‘surveillance state’: tools die dissidenten kunnen labelen en bewegingen voorspellen. Zelfs in Europa, waar GDPR streng is, trotseert Palantir rechtszaken over data-misbruik bij de NHS – en nu ook in Nederland, waar journalisten en onderzoekers jarenlang transparantie eisten, maar bot vingen op weigeringen. Het bedrijf pareert met claims van ‘ethische AI’. Geen persoonlijke data-verkoop, zeggen ze, maar wel faciliteren van profilering.

Palantirs opkomst dwingt ons tot reflectie: in een wereld van asymmetrische dreigingen biedt data-analyse een schild, maar tegen welke prijs? De geschiedenis leert dat technologie neutraliteit veinst, maar macht versterkt. Terwijl overheden dieper in Palantirs web duiken – van het Pentagon tot de Nederlandse politie via sleutelfiguren als Schoof, en nu de Belgische defensie onder Francken – erodeert privacy stilletjes – niet met een knal, maar met een algoritme. In 2025, met AIP als katalysator, staat de balans op het spel.

Zullen we kiezen voor zichtbare stenen die verlichten, of voor ondoorzichtige die verblinden? De toekomst hangt af van scrutiny, niet van stilzwijgen.

**

Je kan ‘tScheldt steunen door:

  1. een bedrag naar keuze te storten op rekening: BE11 4310 7607 5248 (graag met vermelding ‘steun’ en je email zodat we je kunnen bedanken), of
  2. door (al dan niet anoniem) te steunen via: steunactieof
  3. door een abonnement te nemen of te vernieuwen via deze link

**